dinsdag 6 maart 2018

"Infinity", Zoro Feigl


De Electriciteitsfabriek, Den Haag

Zoro Feigl maakt bewegende kunstwerken. Zoals Poppy, een immens grote klaproos gemaakt van dekzijl die om zijn eigen centrum zwiert in een logge, maar toch ook elegante dans. Of Pressurizing, een installatie gemaakt van brandslangen die langzaam opblazen en weer leeglopen, als een rustig slapend beest. De kunstwerken van Zoro Feigl hebben te maken met oneindigheid. Ondanks dat het piept, kraakt, schuurt en draait, stuitert, spuit en tegensputtert vormen de werken een ritmische cadans.

Zoro Feigl makes art that moves; like Poppy, an enormous flower constructed out of tarp that swirls around in a hulking, but at the same time rather elegant, kind of way. Or Pressurizing, an installation made out of fire hoses that slowly inflate and deflate as a calmly sleeping beast.
The artworks of Zoro Feigl find themselves in the realm of infinity.  They might squeak, creak and scrape, twist, spout and above all protestingly grumble; but always in the form of a eternal cadence.







 Echo, 2017



 Circling, 2009



 Untangling the tides, 2014



Pressurizing, 2010



Poppy, 2010




Poppy, 2010



 Viscosity


Viscosity, 2012



Platform voor experiment



zaterdag 17 februari 2018

Martin Puryear in Museum Voorlinden

Martin Puryear is een beeldhouwer pur sang. Maanden tot jaren werkt de kunstenaar aan een enkele sculptuur. De basis van zijn werk is hout. Over de wereld verspreid heeft Martin traditionele manieren van houtbewerken geleerd van ambachtslieden. Aan de elegante vorm, perfecte afwerking en het oppervlak van elk beeld is zijn toewijding en liefde voor het materiaal af te lezen.




 Phrygian Spirit 2012-2014




Big Phrygian, 2010 - 2014 en Le Prix, 2005



Question, 2013–14 en Big and Little Same, 1982



Shackled, 2014







Night Watch, 2011



Desire, 1981



detail van Brunhilde, 1998 - 2000 



Zonder titel, 2015



zondag 28 januari 2018

Hermanus Berserik


‘De wereld onder een stolp’ heette de tentoonstelling in Museum MORE te Gorssel, een treffende karakterisering, die zowel de breedte van Berseriks repertoire aanduidt als de intimiteit waarmee hij zijn motieven vastlegde. Berserik koesterde de gewone dingen en het kleine geluk: een mooie zomerlucht, glinsteringen op het water, een bosje bloemen op een kastje in de hal, zijn dochter met haar duiven, zijn zoon in de poppenkast. Het zijn kunstwerken die voor iedereen meteen te begrijpen zijn, er komt geen interpretatie aan te pas: “Er staat wat er staat.”



IJscoman, 1958

olieverf en gouache op paneel



Haringvliet, 1986-1987
olieverf op doek




Keeten II, 1974
acrylverf op paneel




Luchtschip No.4, 1967
olieverf en tempera op doek




Teun in de poppenkast, 1964-64
tempera en olieverf op doek




Badhotel, 1961
olieverf op doek




Schets voor een groot zelfportret, 1981
acrylverf op doek